Tegenwoordig hebben nagenoeg alle auto’s airco, in veel gevallen zelfs met automatische temperatuurregeling. Hooguit de eerste meters even met de ramen open om de ergste warmte kwijt te raken en vervolgens dicht want anders werkt dat stukje elektronica niet. Geen omkijken meer naar, wat een genot.
Hoe ging dat in vroeger tijden?
Begin van de jaren negentig werkte ik nog bij een accountantskantoor en was ik veel op bezoek bij de klant. Leuk werk, maar je kwam altijd in een hokje terecht waar de klant en zijn werknemers zelf niet wilden zitten. Meer dan gemiddeld zaten we dan in een kleine ruimte, lekker knus. Totdat de temperatuur buiten boven de 25 graden kwam en binnen dikwijls boven de 30 graden. Aan het einde van de dag kon je ons wel bij elkaar vegen.

Mijn toenmalige auto (Fiat Uno en later Mitsubishi Colt) had geen airco maar wel elektrische raambediening. Die was ik ’s morgens niet nodig maar aan het einde van de werkdag kon ik die goed gebruiken. Als ik met een fijne zweetlucht om mij heen in de bloedhete auto was gekropen werd het nog even erger maar het zou snel beter worden. Eerst werden de beide knoppen van de raambediening tegelijk ingedrukt waarmee de wind vrij spel kreeg in het interieur. Als vervolgens na een paar kilometer de snelweg bereikt was kwam de beloning: 120 km/h, beide ramen open, de wind bulderend langs de ramen en rond mijn hoofd. Wat een genot.
En nu? Als ik met geliefde en kids op pad ben hoef ik het natuurlijk niet te proberen, maar als ik eens alleen in de auto op de snelweg zit en de temperatuur is er naar gaan de ramen weer elektrisch naar beneden. Tegenwoordig zelfs 4 :-).









Geef een reactie